Hondenrassen
Diverse
  • Gallery
  • Site Catalog
  • Section categories
    Dierinfo [0]
    Hondensport [10]
    Google





    Search
    Tag cloud
    Site friends
  • Start eigen Startpagina
  • Paardenrassen
  • Kattenrassen
  • Tattoo Design Gallery
  • Startpagina
  • Startpagina club
  • Bouw Startpagina
  • Statistics



    KAUKASISCHE HERDERSHOND    

    Rasgroep: Herdershonden

    Aard : zeer wantrouwig

     

    Gemiddelde levensduur : 14 jaar

    Schouderhoogte : reuen minstens 70 cm, teven minstens 68 cm

    Gewicht : 40-50 kg

    Vacht : grijs, rossig, bruin, wit, schimmel, gevlamd

    Aanleg : geduchte waakhond

    Omgang met kinderen : is niet geschikt als gezelschapshond

    Omgang met andere honden : zeer dominant

    Leefruimte : een tuin is onontbeerlijk; veel beweging nodig

    Vachtverzorging : zeer beperkt; regelmatig borstelen

    Standaard

    Algemeen

    De Kaukasische Herdershond moet meer dan middelmatig groot of zeer groot zijn, en een krachtige, grove constructie. Van nature moet deze hond kwaadaardig en wantrouwend tegenover vreemden staan. Bijzonder opvallend is zijn uithoudingsvermogen, met name bij sterk wisselende temperaturen en klimatologische veranderingen. Daardoor kan de Kaukasische Herdershond zich in alle delen van de Sovjet-Unie handhaven. Het meest komt hij voor in Grusenië, Armenië, Azerbeidzjan, Turkestan, de Kalmukken, in de steppen ten noorden van de Kaukasus en in de streek rond Astrakan.
    In de Kaukasus zelf zijn de honden massaler dan in de steppegebieden. Daar worden vooral lichte, hoogbenige en vaak kortharige exemplaren aangetroffen. De bouw is sterk en grof, met een massief geraamte en krachtige spieren. De huid is dik en veerkrachtig. De Kaukasische Herdershond heeft een krachtig en evenwichtig karakter, met een beheerste verdedigingsreactie en een kwaadaardige houding tegenover vreemden. Het type moet goede verhoudingen vertonen. De reu moet groter en massiever zijn dan de teef, die iets kleiner en lichter van bouw is. Tekortkomingen: traag; geen wantrouwen tegenover vreemden; lichte afwijkingen van het type.
    Fouten: lafhartig, flegmatiek, niet kwaadaardig; grote afwijkingen van het type, zowel bij de teef als bij de reu.

    Hoofd

    Massief, met een brede schedel, zware jukbeenderen, een breed en vlak voorhoofd, en een duidelijke schedelgroef. Een lichte stop. De voorsnuit en schedel zijn even lang. De voorsnuit versmalt naar de neuspunt. Dikke, op elkaar sluitende lippen. De neusspiegel is groot, breed en zwart; bij witte en lichtgekleurde honden bruin. Gebreken: een gebogen voorhoofd; diepe stop; te korte of te lange voorsnuit; overhangende lippen.
    Fouten: smal hoofd met spitse voorsnuit; niet harmonisch gebouwd.

    Gebit

    De tanden zijn wit, goed ontwikkeld en dicht bij elkaar geplaatst. Het gebit is scharend.
    Tekortkomingen: anders dan door ouderdom afgesleten tanden; gebroken tanden; ontbreken van enige tanden; gele aanslag.
    Fouten: alle afwijkingen van een normaal gebit; volledig ontbreken van kiezen; ver van elkaar staande, onderontwikkelde tanden; door caries aangetaste tanden; snijtanden niet in een rechte lijn geplaatst; afgebroken of sterk afgesleten tanden; ontbrekende hoektanden, waardoor het gebit niet goed sluit.

    Oren

    Hangend, hoog aangezet
    Gebreken: laag aangezet

    Ogen

    Ovale, kleine, diepliggende ogen.
    Gebreken: lichte ogen; ectropion.

    Lichaam

    De hals is kort, gespierd, krachtig ontwikkeld en matig hoog aangezet. De kaarsrechte ruglijn vormt met een door het midden van de hals getrokken lijn een hoek van 30-40°. De borstkas is breed, diep, licht gewelfd en reikt tot aan of iets onder de ellebogen. De schoft is breed en goed bespierd, boven de ruglijn verheven. De rug is breed, recht en goed bespierd. De lendenen zijn kort, breed en licht gewelfd. De buik is iets opgetrokken. Het kruis is breed, lang, gespierd en vlak. Formaatindex: 102-108. Tekortkomingen: een smalle, platte, nietontwikkelde borstkas; een recht of scherppuntig schouderblad; een kromme of ronde rug; lange, te sterk gewelfde lendenen; een smal, kort en sterk hellend kruis; afwijkingen van de formaatindex; afwijkingen van de schouderhoogte (reuen minder dan 70 cm, teven minder dan 68 cm).
    Fouten: lange, dunne, onvoldoende bespierde hals; een vlakke borstkorf, die niet tot aan de ellebogen reikt; een zwakke, niet boven de ruglijn uitstekende schoft; een gewelfde of smalle rug; lange, rechte lendenen; een uitgezakte buik; een onvoldoende gespierd of te veel hellend kruis; sterke afwijkingen van de formaatindex, scheef gaand, te geringe hoogte, te lang van bouw; afwijkingen van de schouderhoogte (reuen minder van 65 cm, teven minder dan 60 cm).

    Benen

    Bottenindex: reuen 21-22, teven 20-21. De voorbenen zijn van voren gezien recht en evenwijdig. De middenvoeten vormen met de bovenlijn een hoek van 100°. De lengte van de voorbenen tot aan de ellebogen is groter dan de helft van de schouderhoogte (index 50-54). Een klein verschil in deze index wordt als fout aangemerkt. De middenvoet is kort, massief, kaarsrecht of licht gebogen. Lengte van de middenvoet bij reuen 14-17 cm, bij teven 13-15 cm. Van achteren gezien zijn de achterbenen recht en evenwijdig. Korte middenvoeten, krachtige, brede bespiering. Massieve sprongen, in stand niet te wijd. Tekortkomingen: slappe polsen; ernstige afwijkingen van de gewenste stand van de achterbenen.
    Fouten: van achteren gezien nietevenwijdige achterbenen; sterk naar binnen gerichte sprongen (koehakkigheid) of te wijde stand.

    Voeten

    De voor- en achtervoeten moeten groot, ovaal en gewelfd zijn. Tekortkoming: zeer platte voeten.
    Fouten: knobbelige, gestrekte voeten met lange tenen.

    Staart

    Hoog aangezet en tot aan het spronggewricht reikend. Wordt in een krul gedragen.

    Vacht

    Rechte, grove haren met een goed ontwikkelde onderwol, die lichter van kleur is. Op het hoofd en de voorkant van de benen zijn de haren korter en liggen vlakker aan.
    Vachtstructuur langhaar:
    haar wordt langer en vormt een halskraag; lange beharing aan de broek; de staart is dik en bossig behaard.
    Vachtstructuur korthaar: dichte vacht; kraag ontbreekt. Vachtstructuur tussentype langhaar: zonder kraag.

    Kleur

    Grijs, licht rossig, wit, bruin, schimmel, gevlamd.
    Fouten: zwart, gemengd bruine kleuren.

    Bijzonderheden

    Gangen: een vrij bedachtzame gang; een speciaal kenmerk is de korte stap, die meestal bij snellere gang in galop overgaat; bij het gaan bewegen de benen zich in evenwijdige vlakken; de rug en de lendenen bewegen zich soepel; schoft en kruis blijven horizontaal liggen tijdens de draf.
    Tekortkomingen: een moeizaam gangwerk; sterk overbouwd gaan; telgang.
    Fouten: iedere afwijking van de normale gang; stijve gewrichten; schoft en lendenen onvoldoende soepel; overbouwd gaan.
    Diskwalificaties: elke afwijking van een regelmatig scharend gebit; cryptorchisme; zwart of bruin pigment.